Alle spelregels

16.1 Persoonlijke fouten

Er wordt een persoonlijke fout genoteerd bij elke speler die een uitsluitingsfout of strafworpfout maakt. De scheidsrechter geeft het capnummer van de speler die de overtreding maakt door aan de secretaris. 

16.3 Gele en rode kaarten

De scheidsrechter moet, indien nodig, gele en rode kaarten gebruiken om de teamofficials en wisselspelers op de spelersbank en de spelers in het water onder controle te houden. Het gebruik van gele en rode kaarten is van toepassing op alle World Aquatics Waterpolo Competities en wordt als volgt toegepast: 

16.3.1 Het tonen van een gele kaart door de scheidsrechter is een officiële waarschuwing aan de hoofdcoach van het team. 

16.3.2 Het daaropvolgend tonen van een rode kaart door de scheidsrechter is het signaal dat de hoofdcoach en/of andere teamofficial(s) en/of speler(s) op de bank het zwembad onmiddellijk moeten verlaten. Als de acties van de hoofdcoach dit vereisen, kan de scheidsrechter een rode kaart tonen, zonder een gele kaart te hebben getoond. 

16.3.3 Wanneer de hoofdcoach wordt uitgesloten van de wedstrijd, mag een andere teamofficial de hoofdcoach vervangen, echter zonder de rechten van de hoofdcoach. De teamofficial mag niet gaan staan en weglopen van de spelersbank, maar kan volgens de regels om een time-out vragen. Tijdens een time-out of na een doelpunt, voor de hervatting van de wedstrijd, mag de teamofficial zich vrij langs de rand van het zwembad naar de middenlijn bewegen om het team te instrueren. 

16.3.4 Wanneer tijdens de wedstrijd een teamlid in het water zich aan wangedrag schuldig maakt, toont de scheidsrechter een rode kaart aan de speler, vergezeld van de gepaste sanctie. 

16.3.5 Een scheidsrechter kan een gele kaart tonen als, naar de mening van de scheidsrechter, een speler volhardt in onsportief spel of zich bezighoudt met simuleren (VI.8.14). De scheidsrechter toont een gele kaart aan het team dat de overtreding maakt en wijst naar de speler die de overtreding maakt. Als de actie zich herhaalt, toont de scheidsrechter de speler een rode kaart die zichtbaar is voor zowel het team als de jurytafel, aangezien dit als wangedrag wordt beschouwd (VI.9.13). 

16.3.6 Teamleden die zich schuldig maken aan wangedrag worden gestraft volgens VI.9.13 en moeten het zwembad onmiddellijk verlaten. 

16.3.7 Voor elke overtreding die ertoe leidt dat een speler of teamofficial wordt uitgesloten voor de rest van een wedstrijd, beoordeelt de leiding van het toernooi alle omstandigheden van de overtreding, in het bijzonder de ernst ervan. Binnen 24 uur na het einde van de wedstrijd beslist de leiding of de speler of teamofficial wordt uitgesloten van extra wedstrijden in het toernooi, met kennisgeving aan de speler, teamofficial en team. 

De leiding van het toernooi verwijst de zaak ook door naar de Aquatics Integrity Unit als zij van mening is dat consequenties buiten het toernooi overwogen moeten worden. Voor alle duidelijkheid: de leiding heeft het recht om de officiële video van elke wedstrijd van het toernooi te bekijken om te beslissen of de speler of coach wordt uitgesloten van andere 

wedstrijden in het toernooi, ongeacht of de overtreding al dan niet is bestraft door de scheidsrechter tijdens de wedstrijd. 

ls een speler of teamofficial geschorst is voor een specifieke wedstrijd, zal het team het aantal spelers of teamofficials op de bank dienovereenkomstig verminderen; op voorwaarde dat er minstens één (1) teamofficial op de bank zit. 

Als meer dan drie leden van hetzelfde team, inclusief teamofficials, worden uitgesloten van een wedstrijd, wordt dat team gediskwalificeerd voor die wedstrijd en krijgt de tegenpartij de overwinning met een uitslag van 5-0, tenzij het doelsaldo hoger was op het moment van de derde uitsluiting van de wedstrijd. In dat geval wordt de score op dat moment behouden. 

16.3.3 Vervangen hoofdcoach bij uitsluiting

Wanneer de hoofdcoach wordt uitgesloten van de wedstrijd, mag een andere teamofficial de hoofdcoach vervangen, echter zonder de rechten van de hoofdcoach. De teamofficial mag niet gaan staan en weglopen van de spelersbank, maar kan volgens de regels om een time-out vragen. Tijdens een time-out of na een doelpunt, voor de hervatting van de wedstrijd, mag de teamofficial zich vrij langs de rand van het zwembad naar de middenlijn bewegen om het team te instrueren. 

16.3.5 Onsportief spel en simuleren

Een scheidsrechter kan een gele kaart tonen als, naar de mening van de scheidsrechter, een speler volhardt in onsportief spel of zich bezighoudt met simuleren (VI.8.14). De scheidsrechter toont een gele kaart aan het team dat de overtreding maakt en wijst naar de speler die de overtreding maakt. Als de actie zich herhaalt, toont de scheidsrechter de speler een rode kaart die zichtbaar is voor zowel het team als de jurytafel, aangezien dit als wangedrag wordt beschouwd (VI.9.13). 

16.3.7 Uitsluitingen voor rest wedstrijd tijdens toernooien

Voor elke overtreding die ertoe leidt dat een speler of teamofficial wordt uitgesloten voor de rest van een wedstrijd, beoordeelt de leiding van het toernooi alle omstandigheden van de overtreding, in het bijzonder de ernst ervan. Binnen 24 uur na het einde van de wedstrijd beslist de leiding of de speler of teamofficial wordt uitgesloten van extra wedstrijden in het toernooi, met kennisgeving aan de speler, teamofficial en team. 

17.1 Het water verlaten en zitten op de rand

Een speler mag tijdens het spel alleen het water verlaten of op de trappen of de rand van het zwembad zitten of staan in geval van een ongeval, blessure, ziekte of met toestemming van een scheidsrechter. Een speler die legitiem het water heeft verlaten, mag, bij een onderbreking van het spel en met toestemming van een scheidsrechter terugkeren vanuit het terugkomvak van het team. 

17.2 Onderbreking bij bloedende wond

Als een speler een bloedende wond heeft, gebied de scheidsrechter de speler onmiddellijk het water uit te gaan, met het onmiddellijk inkomen van een wisselspeler en de wedstrijd zal zonder onderbreking worden voortgezet. Wanneer het bloeden is gestopt, mag de speler als wisselspeler aan de wedstrijd deelnemen. 

17.3 Ongeluk, blessure of ziekte

Als zich een ongeluk, blessure of ziekte voordoet, anders dan een bloedende wond, mag een scheidsrechter, naar zijn goeddunken, de wedstrijd maximaal drie minuten onderbreken. In dat geval instrueert de scheidsrechter de tijdopnemer wanneer de periode van onderbreking ingaat.